Vier subsidies voor het opleiden en ontwikkelen van personeel

Het investeren in een opleiding voor werknemers kost geld. De overheid biedt verschillende subsidies en regelingen waarmee werkgevers een tegemoetkoming kunnen krijgen in de kosten. We hebben er een aantal op een rijtje gezet.

SLIM-subsidie

De Rijksoverheid heeft de SLIM-regeling in het leven geroepen om Nederlandse mkb- en grootbedrijven te stimuleren om blijvend te investeren in de ontwikkeling van medewerkers. Deze regeling vergoedt een groot deel van de kosten die een bedrijf maakt om de kennis en vaardigheden van werknemers up-to-date te houden. Het subsidiepercentage bedraagt 60% van de subsidiabele kosten (interne loonkosten en/of kosten voor het inhuren van een externe), met uitzondering van initiatieven voor kleine ondernemers (minder dan 50 werknemers) waarvoor het subsidiepercentage zelfs 80% bedraagt! Voor MKB’ers in het algemeen geldt een maximaal subsidiebedrag van € 24.999,-.

Subsidie Kennis en Innovatie (SNN)

Een interessante subsidie voor MKB-bedrijven in Drenthe, Fryslân of Groningen die een medewerker uit de eigen organisatie plaatst bij een andere onderneming in de Europese Unie. Op deze manier haalt een noordelijke MKB’er nieuwe kennis in huis op het gebied van technologische innovatie, organisatie-innovatie of marktinnovatie. Deze bedrijven ontvangen 40 tot 50 procent subsidie op de loonkosten. Daarnaast kunnen bedrijven uit Drenthe, Fryslân of Groningen hoogopgeleid personeel detacheren in eigen organisatie, daarmee ontvangen zij 40 procent subsidie op de loonkosten.

Subsidieregeling Praktijkleren

De overheid vindt het belangrijk dat er voldoende praktijk- of leerwerkplaatsen worden aangeboden door ondernemend Nederland, zodat mensen beter voorbereid zijn op de arbeidsmarkt. De subsidie Praktijkleren biedt bedrijven een financiële tegemoetkoming voor het begeleiden van een vmbo-, mbo-bbl-, hbo-leerling of promovendus. Het maximale subsidiebedrag bedraagt €2.700 per leerling/student, voor 40 weken begeleiding. Mocht er sprake zijn van minder dan 40 weken begeleiding, dan wordt het subsidiebedrag naar rato uitgekeerd.

Nieuw: Werkgevers konden als gevolg van de coronacrisis te maken hebben gehad met gedwongen sluiting van 16 maart 2020 tot en met 19 mei 2020. De hoogte van de subsidie praktijkleren is afhankelijk van het aantal weken dat een leerbedrijf een BBL-student begeleidt. Voor werkgevers die te maken hebben gehad met gedwongen sluiting tot en met 19 mei brengt RVO de weken waarin zij de BBL-studenten niet konden begeleiden, niet in mindering op de subsidie. Ditzelfde geldt voor bedrijven die weliswaar niet gedwongen gesloten waren, maar die toch moesten sluiten, omdat voortzetting van het bedrijf, met inachtneming van de richtlijnen van het RIVM, niet verantwoord was.

O&o-fonds: scholingsfonds van de brancheorganisatie

De meeste brancheorganisaties hebben hun eigen Opleidings- en Ontwikkelingsfonds (O&O-fonds), ook wel Scholingsfonds of Sectorfonds genoemd. Werkgevers die hun personeel willen opleiden, kunnen hier terecht voor scholingsprojecten, cursussen of een loopbaanadviseur. De opleiding wordt dan betaald met scholingsgelden uit het opleidingsfonds van de brancheorganisatie. De mogelijkheden verschillen per branche. Het is daarom aan te raden contact op te nemen met het eigen O&O-fonds. Op Ooverzicht.nl staat een overzicht van erkende O&O-fondsen.

Wil je weten of jouw bedrijf in aanmerking komt voor de bovengenoemde subsidies? Of heb je hulp nodig bij het aanvraagproces? Vul hieronder het contactformulier in en wij nemen binnen één werkdag contact met je op.